Het uitgangspunt van dit Tegenspraak-cahier is een paradox in de maatschappelijke ontwikkeling. In de rechtsontwikkeling van de afgelopen decennia werden diverse traditionele ongelijkheden weggewerkt en discriminatieverboden ingevoerd, die in de loop van de jaren alsmaar gedifferentieerder en strenger geworden zijn. De economische en sociaalwetenschappelijke literatuur leren ons nochtans dat de meeste sociale ongelijkheden en in het bijzonder de inkomens- en vermogensongelijkheid in dezelfde periode niet af-, maar toegenomen zijn. In dit cahier worden daartoe twee vragen opgeworpen:
1. (Hoe) draagt het recht bij tot de reproductie en versterking van sociale ongelijkheden?
2. (Hoe) kan het recht ingezet worden om sociale ongelijkheden te bestrijden?
Deze vragen worden in het cahier zowel theoretisch geëxploreerd als uitgewerkt voor specifieke rechtstakken (burgerlijk vermogensrecht, arbeidsrecht, gezondheidsrecht, de juridische regeling van de man-vrouwverhoudingen). In deze bundel wordt enerzijds op de veelheid van (elkaar versterkende) sociale ongelijkheden gewezen, anderzijds ligt de klemtoon op ongelijkheden die met verschillen en tegenstellingen tussen sociale klassen te maken hebben — een thema dat de laatste jaren in het rechtspolitieke vertoog onderbelicht is geweest.
Deze publicatie is het allerlaatste project van Tegenspraak, een sedert 1982 actieve groep van maatschappijkritische juristen. Een kritiek van het recht is vandaag nochtans niet minder dringend dan veertig jaar geleden. Wij hopen dat anderen de fakkel overnemen.