In de bestaande vertaalwoordenboeken Nederlands-Duits worden Vlaamse woorden en uitdrukkingen stiefmoederlijk behandeld. Twee docenten van de opleiding vertaler-tolk van de KVH, Lessius, KULeuven campus Antwerpen hebben van het ‘Belgisch Nederlands’, dat door zes miljoen Vlamingen gesproken en geschreven wordt, 2.300 woorden en uitdrukkingen samengebracht die in de bestaande woordenboeken niet aan bod komen. Ze zien dit ‘Vlaams’ niet als een aparte taal, maar als de Belgische variant van het Nederlands, die het verdient beschreven en vertaald te worden. Dit woordenboek is een poging om deze springlevende taal ook voor Duitstaligen toegankelijk te maken. Het getuigt van de plastische en soms breugheliaanse taal die het Vlaams is en die velen zal aanspreken door haar vitaliteit en beeldrijkheid en klankrijkdom: ’t is weer koekenbak, bellekentrek, machoefel, goesting, poepeloerezat, ambetanterik, zwanzen. Het woordenboek bevat ook tientallen woorden uit de administratie, het onderwijs en het rechtssysteem die in andere woordenboeken schitteren door afwezigheid.
Emmanuel Waegemans doceerde Russische taal, literatuur en cultuurgeschiedenis aan de KVH, Lessius, KULeuven en is mede-auteur van het Vlaams-Russisch woordenboek.
Hans-Werner am Zehnhoff doceerde Duitse taal en cultuurgeschiedenis aan de KVH, Lessius, KULeuven campus Antwerpen en werkte mee aan verscheidene woordenboeken